Ik ben niets, kan niets, volg niets na.
Ik draag mijn zijn, illusies, waar ik ga.
Begrip begrijp ik niet, kan nergens lezen
Of ik zal zijn, niets zijnd, wat ik zal wezen.
Hiernevens, wat niets is, onder 't azuur
Der wijde hemel, wekt me elk ijdel uur
Een zuidenwind die siddert in het lover.
Gelijk hebben, winnen, in liefde geloven
Zijn illusie's dode mast verstard.
Dromen is niets, niet weten is onnut.
Slaap in de schaduw, o onzeker hart.
Als ik wandel, loop ik door mezelf en kom niet van mijn plaats.
Alle boeken die ik las vergeten, besef ik: er is geen leer
De dag breekt aan, de levensavond is geboren
en van wat nooit was ging niets verloren.
Vrede met wat is vind ik niet in boeken, vind ik niet in denken.
Ik verander geen decor, verbeter mij niet meer, glimlach en rust uit.
Charlatan schuinsmarcheerder
harlekijn schildknaap wijsgeer paladijn potsenmaker troubadour sterrenkind drakenruiter
nachtvlinder hazewind zandkorrel waterdrup edelsteen paljas gauwdief brekebeen huilebalk
drama queen bedelaar alchemist filosoof tovenaar danser schilder god in spe. Het
leven zal me leren, niet nu, dan van lieverlee. Ik zoek en zal mij zelf vinden,
horen bij de doven, zien bij de blinden. Vaak zal ik nog tegen mij zelf oplopen
als tegen een muur. Maar vaker nog zal ik dansen, zingen rond het vuur. Met al
mijn vrienden zal ik waken tot het duister zal verdwijnen. In zilver en goud
zal dan de zon over ons verlichte leven schijnen. (Rafel aan de Naad)
Al
je relaties staan in functie van je groei en hebben als doel om jezelf beter te
leren kennen. Relaties komen op het moment dat jij bepaalde aspecten van jezelf
mag gaan ontdekken. Sommige relaties duren langer, anderen weer korter. Alleen
de relatie met je ziel is voor altijd. Je ziel zal je aangeven wanneer de
cyclus met je relatie is voltooid. Jouw taak binnen welke relatie dan ook is, om van
jezelf te houden. De relaties die soms aanvoelen als een straf in plaats van
een zegen, zijn vaak je beste leermeesters. Deze relaties leggen de vinger op
je waarschijnlijk sterke identificatie met je ego. Ego’s kunnen per definitie
niets anders dan met elkaar de strijd aangaan. Het is hun bestaansrecht. Ze
kunnen vaak niet mét en ook niet zonder de ander. Op het moment dat je je eigen
ego kunt ontmaskeren en ervan kunt loskomen, is er liefde, liefde voor jezelf
en liefde voor de ander.